• "Ieder kind in een gezin"

  • 1

Het ministerie van VWS en de VNG hebben besloten om de ingangsdatum van het nieuwe woonplaatsbeginsel uit te stellen. Omdat de wet op zijn vroegst eind 2019 gereed zal zijn, is invoering niet haalbaar per 1 januari 2020.

“Voor de nieuwe definitie van het woonplaatsbeginsel moet de wet worden gewijzigd, het financieel verdeelmodel worden aangepast en een zorgvuldige implementatie worden georganiseerd. Gezien de fases waarin de drie trajecten zich bevinden, is besloten om het nieuwe woonplaatsbeginsel een jaar later in te voeren, per 1 januari 2021.” Dit is te lezen op de website van de VNG.

De verwachting is dat de behandeling van de wet door de Eerste en Tweede Kamer op zijn vroegst eind 2019 gereed is. Gemeenten moeten in de meicirculaire voorafgaand aan de invoering van het nieuwe woonplaatsbeginsel geïnformeerd worden over het budget voor voogdij en 18+. Dit wordt de meicirculaire 2020, waarna de wet op 1 januari 2021 ingevoerd kan worden.

Woonplaatsbeginsel
Het woonplaatsbeginsel heeft als doel om de verantwoordelijke gemeente voor jeugdhulp te bepalen. Het huidige woonplaatsbeginsel zorgt voor problemen omdat het onduidelijk is en leidt tot veel administratieve lasten. In de nieuwe definitie van het woonplaatsbeginsel zijn twee uitgangspunten. De gemeente waar de jeugdige zijn woonadres heeft volgens de Basisregistratie Personen is verantwoordelijk voor ambulante jeugdhulp. Bij jeugdhulp met verblijf is de gemeente waar de jeugdige onmiddellijk voorafgaand aan zijn (eerste) verblijf zijn woonadres had verantwoordelijk. De gemeente waar de jeugdige vandaan komt, blijft dus (financieel) verantwoordelijk voor de jeugdige.

Meer informatie over het woonplaatsbeginsel en de wetswijziging is te vinden op de website van de VNG.